NL  |  FR  |  EN  |  DE  
klein normaal groot
home
 
Publicatie Acta

De internationalisering van de Vlaamse Rand rond Brussel

 


Jan Degadt, Machteld De Metsenaere, Mieke Devlieger, Rudi Janssens, Ann Mares en Caroline Van Wynsberghe (red.)  

De internationalisering van de Vlaamse Rand rond Brussel, Academic Scientific Publishers, 2012

 

 

>> het boek bestellen?

 

Op 26 april 2012 vond het colloquium over De internationalisering van de Vlaamse Rand rond Brussel plaats en dezelfde dag werd ook het boek voorgesteld waarin bijdragen van de sprekers van die dag werden gepubliceerd, aangevuld met nog ander recent onderzoek.

In deze publicatie staan drie grote onderzoekslijnen centraal: I. Europa in/en de Rand, II. Omgaan met (taal)diversiteit en III. Economische dynamiek.

Sociaal geograaf Filip De Maesschalck (Steunpunt Sociale Planning, Provincie Vlaams-Brabant) schreef de algemene situering. De internationale aanwezigheid in de Rand wordt in kaart gebracht aan de hand van cijfers over het aantal personen van niet-Belgische origine en ook de recente bevolkingsdynamiek van deze groep wordt geschetst.

Deel I bevat drie bijdragen met de focus op Europa in de Rand. Onderzoekers Didier Willaert en Suzana Koelet van de Interface Demography van de Vrije Universiteit Brussel, bekeken de Europese aanwezigheid in historisch perspectief.Momenteel is meer dan één vijfde van de inwoners van de Rand van (niet Belgische) Europese origine. De effecten van de uitbreiding van de Europese Unie waren quasi rechtstreeks af te lezen uit de demografische bewegingen.

Socioloog Rudi Janssens (BRIO, Vrije Universiteit Brussel) onderzocht het effect van de taalkennis van de officiële regionale talen bij expats op hun contacten met de lokale gemeenschap.Caroline Van Wynsberghe van de Université catholique de Louvain bekeek de mogelijkheden, uitdagingen en ambities van Brussel als atypische hoofdstad, superhoofdstad zelfs, door de combinaties van verschillende regionale, nationale en internationale opdrachten, en als metropool, onder meer in het licht van het laatste compromis met het oog op een nieuwe Grondwetsherziening.

In Deel II. brengen Mieke Devlieger van het Centrum voor Taal en Onderwijs van de Katholieke Universiteit Leuven enSven De Maeyer van het Instituut voor Onderwijs- en Informatiewetenschappen van de Universiteit Antwerpen verslag uit van de ervaringen in het omgaan met een meertalige leerlingenpopulatie in het Rand & Taalproject. Sinds 2005 wordt deze vorm van onderwijsvernieuwing in de Nederlandstalige lagere scholen in de Rand- en taalgrensgemeenten aangeboden als concrete ondersteuning voor schoolteams voor de omgang met anderstalige leerlingen in en buiten het klaslokaal. Hoe anderstaligen verleiden om de taal van de regio te leren? Dat is de centrale vraag in de bijdrage van de onderzoekers Emili Boix-Fuster, Joan Melià en Brauli Montoya, (respectievelijk verbonden aan de universiteiten van Barcelona, de Balearen en Alicante). Zij geven een overzicht van de opeenvolgende taalcampagnes om het gebruik van het Catalaans te verspreiden.

In de bijdrage vanJeroen Darquennes, verbonden aan de Facultés Universitaires Notre-Dame de la Paix, komt de situatie van de minderheidstalen in Europa aan bod. Taalverschuivingen vinden plaats bij verschillende Europese taalminderheden en vanuit het beleid worden met het oog op taalbehoud doeltreffende antwoorden gezocht. Door de globalisering zien we in Europa een steeds grotere rol weggelegd voor het Engels als omgangstaal in de economie en de wetenschap en op cultureel vlak. Ook in Brussel en de Rand zorgt het Engels in toenemende mate voor concurrentie voor het Frans. Op deze evolutie wordt ingegaan door Philippe van Parijs. Hij werkt mogelijke toekomstperspectieven voor het land uit in zijn bijdrage en gaat ook in op taalgebruik en territorialiteit aan de hand van concepten als taalkundige rechtvaardigheid en maximin, een soort hoffelijkheidsmechanisme in meertalige contactsituaties.In het derde deel behandelt econoom Jan Degadt (Studiecentrum voor Ondernemerschap, Hogeschool-Universiteit Brussel)  de impact van de internationalisering op de lokale economie en op het bedrijfsleven, de pendelarbeid en de KMO’s in de Rand. De impact van de grensarbeid in Luxemburg en de daarbijhorende taalaspecten komen aan bod in de bijdrage van Julia de Bres en Anne Franziskus van het Laboratory of Luxembourgish Linguistics and Literatures van de Universiteit Luxemburg.

De laatste bijdrage bestaat uit een nabeschouwing door historica Els Witte. Onder haar impuls werd in 1993 een tweedaags colloquium georganiseerd over de Brusselse Rand. Via een interdisciplinaire aanpak werden verschillende aspecten belicht van de ontwikkelingen in het randgebied, in de toen nog unitaire provincie Brabant. Destijds heette het dat 'het gebied steeds duidelijker de beïnvloeding van de expansieve hoofdstad ondergaat, een expansie die zich bovendien lijkt te enten op de aanwezige taalpolitieke spanningen, die op hun beurt weer teruggaan tot een vroegere expansieperiode van de hoofdstad.'(Witte, 1993: 9). De intense wisselwerking met de hoofdstad liep toen eveneens als een rode draad door alle bijdragen. Van internationalisering als dusdanig was nog geen sprake, maar de invloed van de aanwezigheid van Europese buitenlanders kwam er in een afzonderlijk hoofdstuk al aan bod. In het verlengde van die denkoefening van bijna twintig jaar geleden, werd in deze publicatie opnieuw een poging gedaan om een staalkaart op te maken van het recent onderzoek over het toenemende internationale karakter van het ommeland van Brussel. De wetenschappelijke wereld heeft hierbij de bescheiden ambitie om duiding en context te willen aanreiken, mythes te ontkrachten en nuances aan te brengen en algemeen bij te dragen tot een betere kennis en begrip van de toch zeer complexe situatie.

 

Naar aanleiding van het colloquium werd ook een omvangrijk Rapport van de Studiedienst van de Vlaamse Regering uitgegeven: