Auteur(s)
Saeys Mathis
Source

BRIO-fiche, maart 2026

Organisation
Année
2026
Langue
NL
Gezondheidszorg

Situering

De gezondheidszorg is bij uitstek een domein waarin heldere communicatie cruciaal is. Iemand die zich tot een zorgverstrekker richt, moet zich duidelijk verstaanbaar kunnen uitdrukken, terwijl de zorgverlener de hulpvraag volledig dient te begrijpen. Wanneer er ruis op deze communicatie zit, ontstaat er een risico op valse vlotheid, waarbij de patiënt niet de juiste hulp dreigt te krijgen. Onderzoek toont aan dat zulke taalbarrières kunnen leiden tot zorgongelijkheden. Taal is daarbij niet louter een communicatiemiddel, maar vooral ook een factor die mee de kwaliteit en toegankelijkheid van de zorgverlening bepaalt (Lundin, Hadziabdic en Hjelm 2018).

De Vlaamse Rand, met het Nederlands als officiële taal, wordt gekenmerkt door een toenemende taaldiversiteit, wat resulteert in taalverschuivingsprocessen (Saeys, 2024). De vraag stelt zich in welke mate deze taalverschuivingsprocessen doorwerken in de gezondheidszorg. 

Gezondheidszorg is evenwel een breed domein. De huidige onderzoeksfiche spitst zich toe op het taalgebruik in de communicatie met de huisarts. Huisartsen vormen immers het eerste aanspreekpunt binnen de eerstelijnszorg. Daarnaast spelen ze ook een cruciale rol in de preventie, diagnose, doorverwijzing, behandeling en opvolging van de patiënt. Hierdoor zijn contacten met de huisarts relatief frequent en duurzaam. Ten tweede vormen huisartsenpraktijken een fijnmazig netwerk doorheen de Randgemeenten met gemiddeld 1.574 patiënten per actieve huisarts, wat lager is dan het Vlaamse gemiddelde (1.912) (Intermutualistisch agentschap, 2026). Het bezoek aan de huisarts kent bijgevolg een hoge lokale gebondenheid en vindt dus vaak plaats in de directe woonomgeving. Tenslotte is de keuze voor een huisarts een vrije, maar geenszins neutrale beslissing. Gelet op de actuele taalsituatie in de Vlaamse Rand kan de voorkeur voor een bepaalde voertaal een doorslaggevende factor zijn bij de selectie van de zorgverlener.

Deze fiche vertrekt vanuit het Taalbarometeronderzoek, een representatieve bevraging van de volwassen Randpopulatie. We gaan hierbij in op de vraag in welke mate we kunnen spreken van een ‘taalkundige segmentatie’ in de eerstelijnszorg in de Vlaamse Rand. Met taalkundige segmentatie wordt gedoeld op een situatie waarbij patiënten en zorgverleners zich voornamelijk binnen de eigen taalgroep organiseren. Hiervoor bestuderen we concreet welke taal of talen door Randbewoners gebruikt worden tijdens consultaties bij de huisarts. We bekijken ook of dit taalgebruik verschilt naargelang de thuistaalachtergrond van de patiënt, en of er verschillen kunnen vastgesteld worden tussen gemeenteclusters.

Taalgebruik met de huisarts in de Vlaamse Rand

In de derde Taalbarometer van de Vlaamse Rand (TBR3) gebruikt ongeveer de helft van de inwoners uitsluitend Nederlands met hun huisarts, en een derde uitsluitend Frans. Het Engels heeft een bescheiden rol als brugtaal, en wordt voornamelijk in combinatie met het Nederlands en/of Frans gebruikt. Daarnaast werden ook 21 ‘andere’ talen gerapporteerd, evenals 72 verschillende taalcombinaties waarin consultatiegesprekken verliepen. 

Een logische vervolgvraag is of Randbewoners hun oorspronkelijke thuistaal of -talen gebruiken in hun contacten met de huisarts. In tabel 1 wordt voor de verschillende thuistaalgroepen het taalgebruik met de huisarts vergeleken per Taalbarometer.

tabel1
Tabel 1. Taalgebruik met de huisarts naar oorspronkelijke thuistaal

De Nederlandstalige inwoners van de Vlaamse Rand spreken quasi uitsluitend Nederlands met hun huisarts. Deze cijfers blijven ook stabiel over de verschillende meetmomenten. Ook meer dan de helft van de traditioneel tweetaligen opteren voor een Nederlandstalige huisdokter. Vanzelfsprekend ligt het aandeel eentalig Franstaligen dat Nederlands spreken met hun huisarts lager dan de twee voorgaande thuistaalgroepen. Zo’n 15% van de eentalig Franstaligen spreekt ‘vaak’ tot ‘altijd’ Nederlands, al dan niet in combinatie met het Frans. De Franstaligen opteren hoofdzakelijk voor het Frans in hun interacties met de geneesheer. 

Diegenen die opgroeiden in een gezin waar Frans in combinatie met een andere taal dan het Nederlands werd gesproken, leunen sterk aan bij de mensen met het Frans als enige gezinstaal. Deze thuistaalgroep gaat wel meer naar Nederlandstalige artsen dan bij de vorige metingen. We observeren een toename van 15,3% in TBR1 naar 21,1% in TBR3. Het aandeel dat enkel Nederlands spreekt daalt echter wel tegenover TBR2. Van de Randbewoners met een andere thuistaal dan het Nederlands en/of Frans spreekt ongeveer de helft enkel Frans, gevolgd door het Nederlands en Engels. Een aandeel van de anderstaligen spreekt ook een andere taal dan de contacttalen.

Dit taalbeeld verbergt echter een interne verscheidenheid binnen de Vlaamse Rand. De Taalbarometer bevat geen directe gegevens over de locatie waar de Randbewoners hun huisarts bezoeken, al ligt het voor de hand dat deze voornamelijk gebruikmaken van zorgverleners in de nabijgelegen omgeving. Tabel 2 geeft een overzicht van het taalgebruik met de huisarts, gebaseerd op TBR3, verdeeld volgens de woonplaats, opgedeeld volgens zeven gemeenteclusters (Echeverria en Janssens, 2020). 

tabel2
Tabel 2. Taalgebruik met de huisarts volgens gemeentecluster – Selectie TBR3

De resultaten tonen een variatie in het taalgebruik met de huisarts naargelang de woonplaats van de respondenten. In de Voorstedelijke gemeenten (Asse, Grimbergen, Meise en Merchtem) wordt het vaakst uitsluitend Nederlands gebruikt met de huisarts. Ongeveer zeven op tien inwoners geven aan het consultatiegesprek uitsluitend in het Nederlands te voeren. Ook in de residentiële (Hoeilaart, Overijse en Tervuren) en Commerciële gemeenten (Machelen en Vilvoorde) gebruikt meer dan de helft het enkel Nederlands. In de Westelijke gemeenten (Beersel, Dilbeek en Sint-Pieters-Leeuw) gebruikt eveneens meer dan de helft van de inwoners uitsluitend Nederlands, terwijl een derde uitsluitend Frans spreekt met de huisarts. Dit wijst op een meer uitgesproken tweetalig zorgaanbod. In de faciliteitengemeenten, zowel de Zuidelijke als de Oostelijke, ligt het aandeel Franstalige contacten het hoogst. In de Oostelijke faciliteitengemeenten verlopen meer dan vier op vijf contacten uitsluitend in het Frans. Ook in de Aankomstgemeenten (Wemmel en Zaventem) is het aandeel Franstalige consultaties relatief groot, met een overwicht van het Frans ten opzichte van Nederlands. 

Slotbedenkingen

De Vlaamse Rand, met het Nederlands als officiële taal, wordt gekenmerkt door een toenemende taaldiversiteit, taalverschuivingsprocessen en veranderd taalgebruik (Saeys, 2024). 

Het Nederlands blijft de lingua franca in consultaties met de huisarts in de Vlaamse Rand. Toch zien we dat het taalgebruik naargelang de thuistaal van de patiënt en volgens diens woonplaats kan verschillen. Nederlandstaligen gebruiken nagenoeg uitsluitend Nederlands in hun contacten met de huisarts. Traditioneel tweetaligen gebruiken relatief vaker Frans. De overige thuistaalgroepen maken meestal gebruik van het Frans, al daalt dit aandeel licht ten opzichte van eerdere meetmomenten. 

Daarnaast hangt het taalgebruik in de eerstelijnszorg nauw samen met de lokale sociolinguïstische context. Binnen de zeven gemeenteclusters blijft een minderheids-meerderheidsdynamiek zichtbaar: waar één thuistaalgroep numeriek sterker staat, weerspiegelt het taalgebruik met de huisarts meestal die verhouding. 

Deze vaststellingen laten een dubbele interpretatie toe. Enerzijds kunnen ze wijzen op het bestaan van een parallel zorgaanbod langs taalkundige en regionale lijnen. Randbewoners gaan hoofdzakelijk opzoek naar zorgverlening in hun eigen taal, ook al betekent dit een zorgaanbod buiten de gemeenten. Vervolgonderzoek dient deze zorgdynamiek evenwel in kaart te brengen. Anderzijds suggereren de cijfers dat huisartsenpraktijken functioneren als pragmatische ontmoetingsplaatsen waar functionele meertaligheid wordt ingezet in functie van kwaliteitsvolle zorgverlening. In de Vlaamse Rand zien we ook in andere domeinen een gelijkaardig spanningsveld tussen taalaanhorigheid en toegankelijkheid (De Greve, 2025; Saeys, 2023).

Bibliografie

De Greve, C. (2025). Het Nederlandstalige verenigingsleven in de Vlaamse Rand: Een overzicht van 1900 tot op heden. BRIO.

Echeverria, N., & Janssens, R. (2020). Naar een typologie van de Vlaamse Rand gebaseerd op sociaaleconomische profielen. BRIO.

Intermutualistisch agentschap (2026). Atlas IMA-AIM: Patiënten huisartsenpraktijken 2023.

Lundin, C., Hadziabdic, E., & Hjelm, K. (2018). Language interpretation conditions and boundaries in multilingual and multicultural emergency healthcareBMC International Health and Human Rights, 18(1), 23.  

Saeys, M. (2023). Het taalgebruik in het verenigingsleven in de Vlaamse Rand. BRIO.

Saeys, M. (2024). Taalbarometer 3 van de Vlaamse Rand: Factsheet. BRIO.

Type de publication
Carte
Catégorie
Langue
Soins / Bien-être
Région
Vlaamse Rand
Share this